Hét grote nieuws en de katalysator van vorige week was zonder twijfel de vergadering van het monetair beleidscomité van de Amerikaanse Federal Reserve. De prognoses van de markten klopten: de Fed verlaagde de prijs van geld effectief met 25 basispunten. Het vervolg is echter minder eenduidig. Jerome Powell liet duidelijk verstaan dat de volgende stappen afhangen van de data (arbeidsmarkt, inflatie enz.), maar de analyse van de punten­grafiek, de befaamde dot plot, toont wezenlijke verschillen tussen de gouverneurs. 
 
Opnieuw letten we, meer dan op de renteverlaging op zich, op de reactie van de verschillende activaklassen om het verhaal te begrijpen. De Federal Reserve is gestart met een versoepelingscyclus terwijl de Amerikaanse economie sterk is, de consumptie stevig en de financiële markten op recordniveaus staan. Het reële neutrale tarief ligt dus waarschijnlijk boven het door de Fed veronderstelde niveau, wat betekent dat het monetair beleid te accommoderend kan worden en een herneming van de inflatie en een stijging van financiële activa kan uitlokken. Een geruststellend element: staatsobligaties ontspanden meteen na de aankondiging, een teken dat de obligatiemarkt nog niet in opstand is en dat de renteverlaging niet als catastrofaal wordt gezien, anders dan in de jaren zeventig.
 
De reactie op het zopas (een gevolg van de recente begrotingsimpasse) gepubliceerde banenrapport voor november lijkt de goede houding van de obligatiemarkt te bevestigen. Nu is het wachten op de inflatiecijfers om een vollediger totaalbeeld te krijgen.
 
Technisch heeft het rendement van de Amerikaanse rente op tien jaar kortstondig een dubbele-bodem-ommekeer bevestigd, geldig boven 4,08 %, terwijl het op een symmetrie stuitte bij 4,25 %. Anders gezegd: een doorbraak onder 4,08 % zou de “goede” reactie van de obligaties op het monetair beleid bevestigen, terwijl een uitbraak boven 4,25 % een negatief signaal aan de financiële gemeenschap zou zijn. Parallel daarmee is het valutapaar EURUSD boven 1,1675/95 uitgekomen, wat geloofwaardigheid geeft aan een verder herstel richting de toppen van september (1,1920), met een tussenliggend punt op 1,1825.